14 november 2011

Tussen Goed en Fout

Non-fictie Een nieuw historisch paradigma

Nederland kent tienduizenden historici. Slechts een klein gedeelte van hen is in het bezit van een academische graat. Een nog kleiner percentage is ook daadwerkelijk  als historicus verbonden aan een universiteit. Toch zijn het de universitaire geschiedkundigen die ons nationaal historisch debat domineren. Door de nadruk te leggen op kwaliteit in plaats van kwantiteit wordt het werk van andere historici afgedaan als irrelevant. Dat is niet alleen zonde, betoogt Kras van der Heijpaal in zijn nieuwe boek Nu Dit Weer het is ook zeer ten onrechte.

Van der Heijpaal promoveerde afgelopen week op een 900 pagina’s tellend proefschrift waarin hij stelt dat we af moeten van het onderscheid tussen ‘goede’ en ‘slechte’ historici. “We zijn,” aldus van der Heijpaal ”allemaal een product van de geschiedenis. Daarom moet het zo zijn dat iedereen die iets over die geschiedenis wil zeggen even serieus wordt genomen. Dat de één zich bij onderzoek meer laat leiden door de bronnen dan een ander is een kwestie van methodologie. Daar over kan en moet je van mening kunnen verschillen. Maar dat wil niet zeggen dat de één meer gelijk heeft dan de ander.

In Nu dit Weer, pleit van der Heijpaal daarom voor een paradigma wisseling in de geschietwetenschappen. De huidige tegenstelling tussen ‘goede’ en ‘slechte’ historici moet volgens van der Heijpaal plaatsmaken voor een dichotomie tussen ‘zichtbare’ en ‘onzichtbare’ historici. Hij spreekt in dit verbant van de zogenaamde kwantitatieve norm. Wie het meest zichtbaar is heeft gelijk. Dat hij met deze stelling veel weerstand oproept deert hem niet. Aangezien critici hem aanvallen op de kwaliteit van zijn onderzoek en niet op de kwantiteit. Hoe langer de kritiek aanhoud hoe meer zichtbaarheid dit van der Heijpaal oplevert. En om die zichtbaarheid moet het volgens hem gaan.

Het is niet de eerste keer dat van der Heijpaal controverse veroorzaakt. In 2001 ontstond ophef naar aanleiding van zijn studie naar dyslectische historici. Van der Heijpaal toonde toen ondubbelzinnig aan dat dat zelfs de meest gerespecteerde geschiedwetenschappers van ons land zo nu en dan spelfouten maken. ‘Nu dit Weer’ kan worden opgevat als een vervolg op deze controversiële en spraakmakende studie.

Bijval kreeg van der Heijpaal in 2006 voor zijn autobiografische essay Ik ben een onherstelbare historische vergissing waarin hij probeert aan te tonen dat niet alleen historici maar ook de geschiedenis zelf, soms fouten maakt. Het beste voorbeeld van zo’n fout is hij zelf, zo betoogde hij. In dit meer persoonlijke boek zoekt van der Heijpaal in zijn eigen verleden naar de bron van die mislukking.

Het is in dat verband interessant dat zijn broer, scenarioschrijver Jajoh van der Heijpaal, deze zomer in de Volkskrant ook al verklaarde een mislukking van de geschiedenis te zijn. In een openhartig opiniestuk bekende Jajoh van der Heijpaal toen dat bijna de helft van alle dramatische programma’s die hij de afgelopen jaren aan de Nederlandse TV verkocht, eigenlijk als komedie bedoeld waren.
Het valt niet uit te sluiten dat ook Kras van der Heijpaal binnenkort bekend zal maken dat we ook zijn oeuvre eigenlijk moeten lezen als een parodie.

Kras van der Heijpaal
‘Nu Dit Weer’
Uitgeverij Kortsluiting 900 p, €40,45